vrijdag 7 november 2014

klas 5, verwerkingsopdracht Eerste Wereldoorlog,

De Eerste Wereldoorlog en "De Heuvel"


Het boek ''De Heuvel''van Willy Spillebeen vertelt het verhaal van een Vlaamse familie die op een heuvel dichtbij Ieper woont.  Het verhaal wordt vanuit Bruno, een jongen van een jaar of tien verteld. De familie raakt door hun plotselinge vlucht verdeeld. Lucia en Bruno komen aan het Duitse front terecht en de rest van de familie in Frankrijk.  Naast dit pijnlijke familiedrama wordt ook het verhaal van de Duitse kolonel Petterson vertelt. Hij heeft gewetensbezwaren, maar werkt wel mee aan de ontwikkeling van het gifgas. De derde verhaallijn in dit boek is het verhaal van een Britse majoor die besluit om mijnwerkers in te zetten voor het ondergraven van de heuvels beschreven.

Het beeld van de Duitsers
De Duitse visie wordt door het verhaal van kolonel Petterson verteld. Hoewel hij gewetensbezwaren heeft, vindt hij dat het normaal is dat er bij een oorlog veel doden vallen. Ook werkt hij hoewel het inhumaan en verboden is mee aan de ontwikkeling van gifgas. Het gedrag van de kolonel komt over als laf.  Door zijn gedrag krijg je een negatief beeld van de Duitsers en komen zij over als laf. Ook houden ze zich niet aan de rechten van de mens.  Dit heeft uiteraard een negatieve uitwerking op het beeld over de Duitsers.

Ook worden de Duitsers door de Belgen als barbaren gezien. De broer van Bruno, Renée, zegt bijvoorbeeld:"En het krioelt van de benden Duitse knuls. En ze zijn allemaal bezopen. Ze halen de mensen uit de kelders. En ze jagen het manvolk voor hen uit. Die moeten met bijlen en hakmessen alles kapot maken."(pagina 50). Dit citaat laat duidelijk het beeld van de hoofdpersonen over de Duitsers zien. Hieruit kunnen we concluderen dat de Duitsers negatief worden afgespiegeld in dit boek.

Enthousiasme voor de oorlog
Het enthousiasme komt in dit boek niet heel duidelijk naar voren. Dat komt doordat het verhaal vanuit een familie wordt beschreven en het vooral draait om de angsten van deze familie. Hun zoon Paul dient wel in het leger. Het zusje van Ange zegt: "Nu die Duitse duivels hier ineens verschenen waren, zou  Paul voorzeker wel gauw naar huis komen."(pagina 37). Het enthousiasme voor de oorlog blijkt uit dit citaat. Dit enthousiasme is echter een paar bladzijde later helemaal verdwenen en eerder omgeslagen in wanhoop. Het enthousiasme wordt in dit boek niet zeer duidelijk beschreven.

Het enthousiasme voor de oorlog was groot en werd veroorzaakt door propaganda. De soldaten mochten bijvoorbeeld de echte situatie aan het front niet naar huis berichten. In het boek zie je effect van de propaganda het best terug wanneer de Britse majoor mijnwerkers gaat werven voor de oorlog. De meest jongens zijn positief gestemd over de oorlog. De majoor belooft hun roem en eer. Het enorme geloof in de eigen natie en de overwinning blijkt uit deze prenten. Door deze prenten werd het geloof in eigen land gestimuleerd. De prenten geven de indruk dat je laf bent als je niet meehelpt in de oorlog en dat iedereen meehelpt. Dit beeld kan het enthousiasme veroorzaken.  De actieve propaganda die zich  in onder andere pamfletten uit kan het enthousiasme voor de oorlog vergroten.




woensdag 26 februari 2014

klas 4, Why I love this book

“De zonnewijzer”, een bestseller?

De zonnewijzer is geschreven door Maarten ’t Hart. De hoofdpersoon Leonie erft alles als haar vriendin Roos overlijdt aan een zonnesteek onder de voorwaarde dat zij voor  de poezen van Roos zorgt. Er moet in het leven  van de poezen zo min mogelijk veranderen, dus verhuist Leonie naar het appartement van Roos. Zij gaat zich in eerst instantie alleen voor de poezen als Roos gedragen, maar gaandeweg komt ze erachter dat er meer aan de hand is dan een zonnesteek. De zonnewijzer is een bloedstollende misdaadroman, maar  is  dit boek een echte bestseller? In 2006 publiceerde het opinietijdschrift De Groene Amsterdammer een lijst waarin tips werden gegeven voor het schrijven van een bestseller. Aan de hand van deze tips bekijk ik of De zonnewijzer de titel bestseller waardig is.

Ten eerst is het boek zeer gedetailleerd. Alle gebeurtenissen en locaties worden zeer precies beschreven. Maar ook de gedachtes van hoofdpersoon Leonie worden uitvoerig beschreven. De personages zijn allemaal menselijk. Ze maken fouten en hebben hun twijfels. Hoewel de meest mensen zich niet zullen identificeren met een aantal personages, zijn ze toch realistisch.

Wat dit boek zo goed maakt, is de sublieme transformatie van Leonie tot Roos. Leonie neemt steeds meer gewoontes van Roos over. In het begin is het alleen voor de katten, maar later vraagt Leonie zich af hoe goed ze Roos eigenlijk kende. Zij gaat zich steeds meer in Roos verplaatsen om erachter te komen wie Roos echt was. Hierdoor leer je het personage Roos, hoewel die eigenlijk al dood is, kennen. Doordat Leonie zich steeds meer als Roos gaat gedragen, zien sommige mensen haar voor Roos aan. Je voelt aan dat sommige personages hierdoor een hekel aan Leonie krijgen.  Je gaat met Leonie meeleven en hoopt dat haar niets overkomt hoewel je weet dat sommige personages Leonie misschien wel iets aan gaan doen. Het boek wordt daardoor extra spannend; lost Leonie het mysterie over de zonnesteek wel op voordat iemand haar wat aan doet?

Conflicten spelen een belangrijke rol in het verhaal. Wie had een conflict met Roos en heeft daarom een wel heel rigoureuze maatregel genomen? In haar zoektocht naar de doodsoorzaak van Roos wordt Leonie door verschillende mensen tegengewerkt en er ontstaan enkele ruzies.

Het boek is spannend doordat de schrijver een slechte afloop suggereert. In het boek heb ik geen subplot kunnen ontdekken. Er is ook geen bestseller trend over moorden in een laboratorium gaande.

De titel lijkt in het begin van het verhaal erg vreemd. Pas wanneer in een scene de zonnewijzer in het laboratorium waar Roos werkte wordt beschreven, wordt de titel duidelijker. De titel vormt een belangrijke sleutel naar de plot. Het is al vrij snel duidelijk hoe Roos overleden is, maar de belangrijkste vraag: Wie is de moordenaar? Blijft tot vlak  voor het einde onbeantwoord.  


De zonnewijzer voldoet aan bijna alle punten van de lijst.  Deze spannende en goed geschreven misdaadroman is zeker een bestseller. Niet alleen omdat het bijna alle eisen bevat voor het schrijven van een bestseller, maar ook omdat dit een leuk en spannend boek is om te lezen. 

donderdag 13 februari 2014


klas 4, Opdracht 2C, ik was nooit in Isfahaan van Tommy Wieringa, groepsopdracht met Annabel Chambone, Dione van Doorn en Talitha de Bruin

Ik was nooit in Isfahaan

Wij hebben voor de opdracht bij dit boek een kijkdoos bij het verhaal Pacific Princess gemaakt.  Het verhaal speelt zich af op een cruiseschip onderweg naar New York. Een vrouw op het cruiseschip heeft elke avond als haar man al sliep gefeest. Het verhaal speelt zich af tijdens de aankomst van het cruiseschip in New York. De hoofdpersoon blikt kort even terug op de reis van de vrouw.

Wij hebben vooral de locatie uitgebeeld. In het verhaal worden de toeristische trekpleisters van New York kort genoemd. Het schip komt aan in Manhattan, het zakencentrum van New York met wolkenkrabbers, het Empire Statebuilding en alle andere beroemde gebouwen. Aan de binnenkant hebben we deze beroemde gebouwen uit New York geplakt. Aan de buitenkant zijn wolkenkrabbers geplakt. New York staat bekend om de wolkenkrabbers. Deze vormen de wereldberoemde skyline van New York. Hierdoor zie je dat onze kijkdoos New York afbeeld. We hebben met letters op de zijkant I love New York geplakt. Daardoor kan er geen twijfel over bestaan dat dit New York is.

 Als in het verhaal het schip aan komt zien ze de boot Pacific Princess.  Een van de boten in onze kijkdoos is de Pacific Princess. De andere boot is een cruiseschip.


De glitter gebouwen aan de buitenkant symboliseren de vrouwelijke persoon in het verhaal.  Zij heeft verschillende kanten in het verhaal. Wij hebben glitter gebouwen gemaakt. Iedereen ziet welke gebouwen er worden afgebeeld, maar weet dat de gebouwen er niet zo uit zien. De vrouw doet zich heel anders voor als haar man weg is.  Door de gebouwen van glitter papier te maken, hebben ze net als de vrouw een ander uiterlijk. Daarnaast wordt van de vrouw gezegd dat ze van stand was  en plastischchirurgische behandelingen had ondergaan. Wij hebben met glitterpapier de wolkenkrabbers een chiquer en  perfecter uiterlijk gegeven. Net als de vrouw hebben ze een ‘’plastischchirurgische’’ behandeling gehad en zien ze er chiquer uit. 











woensdag 6 november 2013

klas 4, Erik of het kleine insectenboek, beeldende opdracht


Erik of het kleine insectenboek
Beeldende opdracht


Wij hebben voor de beeldende opdracht vijf foto’s gemaakt. We hebben verschillende elementen uit Eric die wij belangrijk vonden, vertaalt in een foto. Deze foto’s hebben wij zo gemaakt dat het lijkt alsof we de grootte van een mier hebben.
In het boek krijgt Erik ook de grootte van een insect als hij Wollewei instapt. Op de eerste foto hebben wij de nadruk gelegd op Erik’s lengte. We hebben een foto gemaakt waarin wij net zo groot lijken als een insect.





De foto op de grasspriet hebben we gemaakt omdat Erik in het boek hierover vertelt. Hij vertelt over hoe het is om door de grassprieten te lopen. Erik vindt de grassprieten erg groot. Ook wonen een aantal van de insecten die Erik ontmoet op een grasspriet. Daarom hebben wij een foto gemaakt waarop een van ons op de grasspriet zit.



Op de cover van Erik staan allerlei insecten. Daarom hebben wij een foto gemaakt met de cover. We hebben onszelf als ‘ insecten’ er tussen geplakt. Erik ziet er nog als mens uit, maar heeft de grote van een insect. Op de cover zitten wij als mensen tussen de insecten. Daarnaast hebben wij de coverfoto gekozen om de relatie met het boek te benadrukken.



In Wollewei wordt een klein grasveld een soort natuurgebied voor Erik. Alles lijkt ook veel groter. Erik ziet veel meer details. Daardoor wordt iets ‘simpels’ als een grasveld veel interessanter en mooier. Het ogenschijnlijk niet bijzondere grasveld wordt zo een gebied vol verassingen. Daarom hebben wij een foto op het grasveld genomen.


Aan het eind van het boek verblijft Erik enige tijd bij de mieren. De mieren vinden hem maar een vreemd wezen. We hebben een foto van ons in een mierennest gezet. Het lijkt een beetje vreemd, net zo als de mieren Erik vreemd vonden.




Nadat Erik een tijdje in het slakkenhotel is verbleven reist hij een stukje verder op de rug van een vlinder. Hier hebben we ook een foto van gemaakt.


klas 4, verwerkingsopdracht 2, literatuur vertelinstanties

Lucia of de verteller

De schilder en het meisje van Margriet de Moor is geschreven in de auctoriale vertelsituatie. Het verhaal wordt verteld door een verteller. Die beschrijft de gebeurtenissen en geeft zijn mening.
Een schitterend gebrek van Arthur Japin is geschreven in de ik-vertelinstantie. Lucia vertelt over haar leven in Amsterdam. Naast de dingen die ze meemaakt, beschrijft ze haar gevoelens.

In De schilder en het meisje worden de gedachtes en gevoelens van de hoofdpersonen niet beschreven. Hierdoor leer je de hoofdpersonen alleen maar kennen door wat de verteller over hen vertelt. Je weet veel meer over Lucia omdat je haar gevoelens en gedachtes kent.  


Mijn voorkeur gaat uit naar de ik-vertelinstantie. Ik vind een boek leuker als je ook de gedachtes en gevoelens van de hoofdpersonen leert kennen. Deze vertelsituatie kan je soms op het verkeerde been zetten. Dat komt omdat je de gebeurtenissen meemaakt door wat je hoofdpersoon hier over denkt of zegt. Wat de hoofdpersoon is een interpretatie. Je weet alleen hoe de hoofdpersoon het ervaren heeft. 

De verteller beschrijft de gebeurtenissen en is meestal een betrouwbaardere vertelinstantie. Doordat je soms op het verkeerde been wordt gezet, is het boek verrassend. Je verwacht sommige dingen niet. Ik vind het leuk als er in een boek dingen gebeuren die de hoofdpersoon niet verwacht had. Als het blijkt dat de hoofdpersoon bepaalde dingen anders opvat dan dat ze bedoelt zijn, vindt je hier verschillende aanwijzingen voor. Dat maakt dat je verder wilt lezen om te weten wat er echt is gebeurt of werdt bedoelt. 

woensdag 2 oktober 2013

klas 4, verwerkingsopdracht 1 Escher en de Zonnewijzer

Escher en de Zonnewijzer

In het fragment uit de Zonnewijzer is Leonie is het huis van Roos. Roos is overleden en Leonie is de erfgenaam. De telefoon gaat, Leonie neemt op. De man aan de andere kant van de lijn, Freek, weet niet dat Roos dood is. Hij gelooft niet dat Roos is overleden aan een zonnesteek. Hij denkt dat Roos is vermoord. Als Freek op hangt blijft Leonie verward achter.

Ik denk dat dit fragment goed past bij “De oneindige trap” van Escher. Je kunt niet zien waar de trappen precies heen gaan. In het fragment wordt niet duidelijk hoe Roos precies is overleden. Is ze vermoord of overleden aan een zonnesteek. Het fragment roept vragen bij je op. Als Roos vermoord is wie heeft haar dan vermoord? Wie is Freek? Wat was dat akkefietje op de Veluwe? Wat voor clubje heeft Roos met Freek en een paar van zijn vrienden? Wie wil Roos dood hebben? Net als in het werk van Escher is in het fragment ook niet duidelijk wat er precies is gebeurd en waar het naar toe gaat.

In het werk van Escher zit een deur die een kwartslag gedraaid is, een vreemde plek voor een deur. In het verhaal  zitten verschillende aanwijzingen dat Roos misschien vermoord is. Misschien zit er op een onverwachte plek wel een aanwijzing over de dood van Roos.

Leonie voelt zich verward na het telefoongesprek met Freek. ‘De oneindige trap’ vind ik ook een beetje verwarrend. Je weet niet precies wat er gebeurd en alles loopt door elkaar heen. Wat hoort nu bij wat? Het fragment roept ook dat gevoel op.



zondag 8 september 2013

leesopdracht 1, klas 4, Leesautobiografie

Leesautobiografie

Ik lees veel, vaak in het weekend. Het liefst lees ik op de bank of in de tuin. Deze zomer heb ik Verhandeld van Sophie Hayes gelezen. Sophie was het slachtoffer van mensenhandel. Het boek heeft een diepe indruk om mij gemaakt. Het is een heftig verhaal.  

Ik lees graag waar gebeurde verhalen, thrillers en (historische) romans. Boeken over de toekomst vind ik meestal niet leuk. De thema’s interesseren mij niet. Als ik een boek niet leuk vind, kom ik er niet doorheen.

Lezen voor de lijst en literatuur lijkt mij best leuk. Boeken lezen vind ik leuk en daarom denk ik dat ik lezen voor de lijst en literatuur ook  leuk zal vinden. Meestal lees ik boeken van niveau drie. Ik heb ook wel enkele boeken van niveau vier gelezen.