klas 4, Erik of het kleine insectenboek, beeldende opdracht
Erik of het kleine insectenboek
Beeldende opdracht
Wij hebben voor de beeldende
opdracht vijf foto’s gemaakt. We hebben verschillende elementen uit Eric die
wij belangrijk vonden, vertaalt in een foto. Deze foto’s hebben wij zo gemaakt
dat het lijkt alsof we de grootte van een mier hebben.
In het boek krijgt Erik ook de
grootte van een insect als hij Wollewei instapt. Op de eerste foto hebben wij
de nadruk gelegd op Erik’s lengte. We hebben een foto gemaakt waarin wij net zo
groot lijken als een insect.
De foto op de grasspriet hebben
we gemaakt omdat Erik in het boek hierover vertelt. Hij vertelt over hoe het is
om door de grassprieten te lopen. Erik vindt de grassprieten erg groot. Ook
wonen een aantal van de insecten die Erik ontmoet op een grasspriet. Daarom
hebben wij een foto gemaakt waarop een van ons op de grasspriet zit.
Op de cover van Erik staan
allerlei insecten. Daarom hebben wij een foto gemaakt met de cover. We hebben
onszelf als ‘ insecten’ er tussen geplakt. Erik ziet er nog als mens uit, maar
heeft de grote van een insect. Op de cover zitten wij als mensen tussen de
insecten. Daarnaast hebben wij de coverfoto gekozen om de relatie met het boek
te benadrukken.
In Wollewei wordt een klein
grasveld een soort natuurgebied voor Erik. Alles lijkt ook veel groter. Erik
ziet veel meer details. Daardoor wordt iets ‘simpels’ als een grasveld veel
interessanter en mooier. Het ogenschijnlijk niet bijzondere grasveld wordt zo
een gebied vol verassingen. Daarom hebben wij een foto op het grasveld genomen.
Aan het eind van het boek
verblijft Erik enige tijd bij de mieren. De mieren vinden hem maar een vreemd
wezen. We hebben een foto van ons in een mierennest gezet. Het lijkt een beetje
vreemd, net zo als de mieren Erik vreemd vonden.
Nadat Erik een tijdje in het slakkenhotel is
verbleven reist hij een stukje verder op de rug van een vlinder. Hier hebben we
ook een foto van gemaakt.